Soorten lijfrente
Wanneer u besluit (of zich afvraagt of u een lijfrente nodig heeft) om een lijfrente af te sluiten zijn er in essentie een 3-tal keuzen die u moet maken:
- Direct ingaand of uitgesteld
- Levenslang of tijdelijk
- Met of zonder restitutie (bij overlijden)
De direct ingaande lijfrente kan alleen tegen een koopsom worden afgesloten. Uw verzekeringsmaatschappij heeft immers direct een kapitaal nodig om voor u in een uitkering te voorzien. Bij een uitgestelde lijfrente kunt u wél kiezen voor periodieke betaling. De betalingen eindigen wanneer de lijfrente begint uit te keren.
Een levenslange lijfrente keert uit tot wanneer u (of de verzekerde) komt te overlijden. De tijdelijke lijfrente keert uit tot u komt te overlijden of tot de einddatum.
Indien u een lijfrente met premierestitutie heeft afgesloten krijgt u bij overlijden de premies terug. Echter de uitkeringen zijn natuurlijk ook een stuk lager.
Uit bovenstaande 3 basiskeuzen zijn de volgende soorten lijfrente af te leiden:
- Direct ingaande levenslange lijfrente
- Direct ingaande tijdelijke lijfrente
- Uitgestelde levenslange lijfrente zonder restitutie
- Uitgestelde levenslange lijfrente met restitutie
- Uitgestelde tijdelijke lijfrente zonder restitutie
- Uitgestelde tijdelijke lijfrente met restitutie
U kunt alle bovenstaande vormen op één of twee levens (bijvoorbeeld die van uw partner) afsluiten.
Ook kunt u, indien u de lijfrente op twee heeft gesloten, de overgang regelen (dat wil zeggen wanneer één van u beiden komt te overlijden). Uw keuze is dan of een volledige (onverminderde) of gedeeltelijke overgang wil van de uitkeringen op de langstlevende partner.
|